Categorie archief: Bier van de maand

Elke maand degusteren wij één (of meerdere) biertjes zonder te weten wat we precies voorgeschoteld krijgen.
Hierover maken wij telkens een verslag van onze reuk, smaak en ervaringen tijdens het proeven.

Chimay Tripel (8°)

Het leuke aan het blindproeven van een biertje is dat iedereen zonder vooroordelen zijn mening over het biertje kwijt kan. Vooral voor bekende kleppers kan dit wel eens belangrijk zijn.

Deze maand bracht ons zo’n bekende klepper: Chimay Trippel.

Het bier is donkerblond tot koperblond en licht tot vrij troebel (naar gelang meer of minder gist in het glas wordt meegegoten). Een vast fijn wit schuim dat mooi aan de wand kleeft bekroont het bier.

In de geur springen duidelijk hopbloemen in de neus. Dit belooft een vrij bitter bier te worden met een rijk hoparoma. Andere geuren die we opsnuiven laten iets kruidigs, fruitig vermoeden.

De smaak zet onmiddellijk bitter aan. Gelukkig niet zo maar bitter, maar fijn hopbitter met de aroma’s van de hopbloemen. Nadien komt er een zachtere zoetheid opzetten. Tevens zit er een vleugje metaal in het bier. In de nasmaak komen de hoparoma’s duidelijk weer te voorschijn.

De meningen in ons proefpannel (7 personen) waren de meningen verdeeld. Wanneer Ruth opperde dat dit wel eens Chimay Tripel zou kunnen zijn dachten alle anderen (toch allemaal bedreven bierproevers) daar anders over. Het bier was te onevenwichtig om een trappist te zijn… Dus toch… Proficiat Ruth!

Chimay Tripel is dus duidelijk geen allemansvriend. Je houdt er van of niet. Er is geen tussenweg. Liefhebbers van een rijk hoparoma horen zeker bij de eerste categorie. Zeker omdat het bier meer te bieden heeft dan alleen bitterheid.

Chimay wordt zoals bekend door de paters Trappisten van de abdij van Scourmont gebrouwen. Het brouwwater wordt ter plaatse gewonnen. De geschiedenis van de streek verklaart het vleugje metaal in het bier. Sinds de oudheid wordt uit de grond in de omgeving ijzererts gewonnen (alweer raak Ruth).
De trappisten verblijven er sinds 1850 en in de jaren 60 van de 19de eeuw liep het eerste bier uit de brouwketels. 
De tripel is zoals bij veel bierassortimenten de jongste spruit van de paters en wordt gebrouwen sinds 1966.

Westvleteren 12 (10,2°alc) – Zywiec (5,6°alc) [Polen]

Ook in december proefden we blind 2 biertjes. Een echt winterbier voor bij de haard en een verrassing.

Westvleteren 12 (10,2°alc)

Dit zeer donker bruin bier heeft een fijne beige schuimkraag die na een tijdje tot een blijvend laagje vervalt. Het schuim kleeft aan de rand van het glas. Door de donkerheid van het bier is het moeilijk te bepalen hoe gesluierd dit bier is. 
Het bier hergist in de fles en er zit een behoorlijke gistbodem in elk flesje.

De geur is vineus en zoet. De geur doet denken aan rozijnen of overrijp fruit.

De smaak is vol en moutzoet met een zachte bitterheid. De bitterheid is een mengeling van gebrande bitterheid en hopbitterheid. De smaak is minder complex dan de geur doet vermoeden, maar wel even vol.

In de nasmaak proeven we een uitvloeiende bitterheid, gecombineerd met een duidelijke toets caramel. De alcohol voelt warm aan.

Dit is het beroemde bier dat officieel enkel aan de abdij te koop is en dat ooit door een Amerikaanse (hoe kan dat?) website tot beste bier ter wereld werd uitgeroepen. Op onze eigen bierverkiezing werd Westmalle Trippel tot beste bier verkozen. Wat nu het allerbeste is, is wellicht een kwestie van smaak, maar dat beide bieren kwalitatief zeer hoogstaand zijn valt niet te ontkennen. Dit geldt trouwens voor alle trappisten.

Deze Westvleteren wordt op sommige plaatsen aangeboden voor 6 tot 7 euro en internationaal verkocht via het internet voor veelvouden van dit bedrag. Dat is werkelijk jammer, en bovendien doet het uitschijnen dat dit bier kwalitatief veel beter is dan andere artisanale bieren, hetgeen zeker het geval niet is.

Zywiec (5,6°alc) [Polen]

De verrassing dan… en een hele verandering voor onze smaakpapillen.

Dit blond lagerbier is kraakhelder met een witte wandklevende schuimkraag.
De geur is vrij neutraal. We ruiken wel de mout iets te zoet zoals in een Stella NA.

De smaak is zacht en valt beter mee dan verwacht. Zeker niet uitgesproken, maar wel met een goede mengeling tussen zoet en bitter.

Een vrij lange bittere nasmaak die Saaz-hop doet vermoeden sluit de degustatie af.

Dit bier zal zeker in de smaak vallen bij iedereen die graag van een fris pilsje geniet.

Of dit Pools bier in België te verkrijgen is, is ons onbekend.
Hoewel het bier in blik zat, mocht de verpakking er wel zijn. Lekker ouderwetse tekeningen van dansende mannetjes in klederdracht en een blik met een reliëf.

TER DOLEN Donker (7,1°alc)

Het bier van de maand november is een biertje dat verkrijgbaar is bij de betere drankenhandel. De verpakking die wij mochten aanschouwen is echter uiterst zeldzaam. Ter Dolen Donker met een etiket dat speciaal voor het 349 fighter squadron van de F16-basis in Kleine Brogel werd gemaakt. Het etiket is mooi en lijkt in zekere mate op de originele “Ter Dolen”-etiketten, alleen vliegt er nu een F16 voorbij het kasteel waar het bier gebrouwen wordt.

Daarnaast geeft het etiket vrij veel informatie, zoals de graden plato, altijd fijn om te weten en in dit geval 17,0 wat vrij veel is.

Het biertje kleurt donker bruin in het glas en heeft een mooie rode schijn. Ondanks de hergisting is het bier vrij helder tegen het licht. Het beige schuim is mooi vast en fijn van structuur.

De geur is nogal neutraal. We ontdekken een vleugje rood fruit en rozijnen.

De smaak is echter verrassend vlak. Fris en zacht, dat wel, maar het bier mankeert een zekere body. De smaak van dit bier is eerder te vergelijken met blonde commerciële bieren die we kennen, en niet met andere donkere bieren van 17 graden plato.
Ook de nasmaak is vrij kort.

Onze conclusie: Dit is zeker een lekker bier, maar het mist karakter. Het is een ideaal “instapbier” voor pilsdrinkers die eens iets anders willen, of om eens lekker door te zakken op een terrasje.

De onafhankelijke brouwerij is in werking sedert 1994 en is hypermodern. Dit is in schril contrast met de idyllische plaats waar ze gevestigd is: het kasteeldomein van Ter Dolen met de restanten van een kasteel uit de 13de eeuw. De brouwerij is te bezoeken en je kan zelfs in het kasteel in Limburg overnachten.

Duchesse de Bourgogne van brouwerij Verhaege

De herfst breekt aan en dus kiest Ambibrew voor een biertje dat lekker kan smaken op een terasje op een mooie najaarsdag, maar dat even goed tot zijn recht komt bij de knetterende haard.
Een typisch “oud bruin” bier waar het zuiden van Oost- en West-Vlaanderen wereldbekend voor zijn. Men noemt deze bieren ook wel de “Vlaamse bourgognes” omwille van hun vineuze aroma’s.

Het bier is verkrijgbaar in 75 cl flessen, maar vandaag kiezen wij voor de kleine flesjes van 
25 cl. De zwarte etiketten met het schilderij van Maria van Bourgondië zijn zeer stijlvol en passen bij het donkere bier.

De kleur van het bier is natuurlijk zeer donker bruin met een rode schijn, eigen aan dit soort bieren. De geur is zurig en geeft een zweem van krieken vrij. De geur doet denken aan een zoete geuze.

Dit bruintje heeft een zoete zachte smaak, die je niet echt verwacht bij die zurige geur. Na van deze verrassing bekomen te zijn kan de bierliefhebber echt genieten van de wisselwerking van de zurige aroma’s in de geur en de zacht zoete karamelsmaken. Van bitterheid is nauwelijks sprake.

Het bier is niet hergist in de fles en in combinatie met het alcoholpercentage van 6,2° en de zoete smaak kan men wel zeggen dat dit “traditioneel oud bruin” bier wel aangepast is aan de markt. Toch is en blijft dit een geslaagde creatie waarvan wij er nog wel eentje lusten.

Geuze Cuvée Renée van brouwerij Lindemans

Met het oog op de Europese bescherming van de naam “Oude Geuze” en “Oude Kriek” kocht de brouwerij Lindemans een aantal eikenhouten vaten om hun geuze te laten op rijpen.

Voor het eerst is de natuurlijke en ambachtelijke Oude Geuze van brouwerij Lindemans dan ook op de markt. Wij van Ambibrew wilden dat wel eens proberen…

Het bier dat we serveerden zat in een mooie 75cl fles met alu-capsule en een etiket dat zo uit de jaren 30 zou kunnen komen. Je moet al even kijken om te weten dat Cuvée Renée een product is van brouwerij Lindemans.

In het glas kleurt het bier donker blond en vormt een natuurlijk fijn wit schuim.
De geur is fruitig, houterig en komt sterk naar voor. Zelfs bij het uitgieten komt de geur ons al tegemoet. Zeker aangenaam!
De smaak verrast wel. Van fruitigheid is hier in eerste instantie geen sprake. Eerder een vrij harde zurigheid. Pas in de nasmaak wordt het bier subtieler: een lichte hopbitterheid, een toets groene appels en een zachtere zurigheid.
Naarmate men meer van het bier drinkt raakt men gewoon aan de redelijk harde zurigheid van de eerste smaak.

Wat ons betreft is dit een vrij geslaagde “oude geuze” die bovendien met zijn 5° licht om drinken is, maar zou het misschien nog iets subtieler kunnen (denk aan een Oude Geuze van Boon) om als aperitief te kunnen dienen. Het wordt door ons zeer op prijs gesteld dat brouwerij Lindemans wil investeren in een oude geuze die hergist in de fles.

La Goudale en St-Landelin

De vakantiestemming zit er bij Ambibrew goed in! Vandaar deze maand een Frans biertje. Weet je wat? Het is verlof dus maken we er twee van!
Beide bieren komen van dezelfde brouwerij in Douai: Les brasseurs du Gayant.

* La Goudale 7,2°

Het 25cl flesje oogt niet slecht en op het achteretiket staat wat uitleg over de oorsprong van het bier.

Bij het uitgieten zien we een helder blond bier met een zachte, fijne witte schuimkraag. Het bier is een tikje donkerder dan een pils en is niet hergist op de fles.
De geur is opvallend neutraal. Een zweem mout is het enige wat dit bier loslaat.
De smaak zet zachtjes en vrij zoet aan. Daarna zet er een tamelijk stevige hopbitterheid door die daaropvolgend door een zekere moutigheid vervangen wordt. Geen van de smaken wordt echter overheersend en al bij al blijft de smaak zacht en fris.
De nasmaak is een mengeling van moutigheid en hopbitterheid en houdt niet te lang aan.

De naam Goudale zou afkomstig zijn van “Good ale”. Het zou het bewaarbier (bière de garde) die de Engelsen in het noorden van Frankrijk introduceerden in de 14de eeuw en zou in die tijd het bier met de beste kwaliteit geweest zijn. In hoeverre de huidige brouwers nog het recept van de 14de eeuw volgen is ons onduidelijk. Dat ze dezelfde brouwmethode niet meer hebben zal wel een feit zijn.

*St-Landelin 6,5°

Dit is het abdijbier van dezelfde brouwer. Het bier zit eveneens in een 25cl flesje met een etiket dat duidelijk aanduidt dat het om een soort abdijbier gaat. Het flesje ziet er veelbelovend uit.

Bij het uitgieten zien we opnieuw een helder blond biertje dat niet hergist op de fles. Het bier is iets intenser van kleur dan de Goudale.
De geur is vooral moutig en vertoont een kruidigheid en iets van citrusvruchten.
De smaak is vrij moutig, zoet met een fijne hopbitterheid. De smaak vloeit echter wel snel weg.

Het recept zou gebaseerd zijn op dat van de Goudale maar het bier zou met meer ingrediënten gebrouwen zijn. Over de methode om nadien de alcohol te verminderen stellen wij ons wel vragen. Nadat het bier gebrouwen is warmt men het namelijk opnieuw op om een deel van de alcohol te laten verdampen. Of dit geen kwalijke invloeden heeft op de smaak is ons onbekend.

Van St-Landelin is een legende bekend. Hij zou een uitgetreden monnik geweest zijn in de 7de eeuw die een dievenbende leidde in de streek van de Samber en die zich uiteindelijk weer bekeerde en 2 abdijen stichtte.

De beide bieren zijn nogal typisch frans (blond, zacht, niet hergist) maar zeker veel beter dan het gemiddelde Frans bier. Deze bieren zijn echt te genieten. Welke nu het beste is, is natuurlijk een kwestie van smaak.

Hoegaarden Rosée

In juli proefden we een nieuw biertje van Hoegaarden. De zomerse rosée is vooral voor zoetekauwen op een terrasje geschikt en is met zijn 4,5° voor iedereen geschikt.

Het flesje is 25 cl met een sober etiket in Hoegaarden traditie aangevuld met frambozen.

Bij het uitgieten zien we een troebel roze bier met een vrij grove roze schuimkraag.
De geur is vooral die van zoet rood fruit en snoepgoed, aangevuld met een kruidigheid. Een zurige geur zoals in kriek is niet aanwezig.

De smaak is vooral zoet met een lichte zurigheid naar het einde van de teug toe. In de afdronk is een zeer lichte hopbitterheid aanwezig. Doorheen de hele proeverij overheerst de zoetheid.

De meningen binnen het proefpanel over dit bier zijn verdeeld. Sommigen vinden dit wel ok op een zomerse avond, anderen vinden dit te commercieel en te zoet.
Hoe het ook zij, dit biertje lijkt heel erg op Wittekerke rosé en is dus een witbier aangevuld met fruit en vooral vrij zoet gemaakt. Het is een biertje dat vrouwen en jonge mensen in het bierland moet leiden.

Quintine Blonde 8°alc

Deze maand hadden we een biertje op de kop getikt dat er wel heel ambachtelijk uit zag. Geen van de leden van het proefpanel had dit biertje reeds gedronken: Een Quintine blonde van de Brasserie Ellezelloise (in Ellezelles natuurlijk). Deze brouwerij tracht ecologisch te brouwen sinds 1993 en is gevestigd in een natuurpark in Henegouwen.

Het flesje oogt mooi en straalt kleinschaligheid en ambachtelijkheid uit met beugelsluiting en een etiket op een soort bruin kaftpapier. Op het etiket staat wat weinig informatie, maar op internet des te meer. Het bier is niet gefilterd en niet gepasteuriseerd, precies wat wij zoeken dus.

Bij het openen van het flesje springt ons een kruidige, fruitige geur in de neus. Na het uitgieten valt het fruitige aroma niet meer op en ruiken we vooral hoppigheid en een lichte kruidigheid.

In het glas zien we een blond biertje met een vrij stevige schuimkraag. Het bier is gesluierd tot troebel en bruist vrij hevig.

De smaak is vooral fris hopbitter. Hoewel het rijkelijke gebruik van hop vallen andere accenten toch zeker niet weg en in de nasmaak komt weer een zoetigheid opzetten die aan het fruit van het openen van het flesje doet denken en ook de kruidigheid komt weer wat opzetten voor de hopbittere nasmaak weer de bovenhand neemt.

Voor ons een zeer geslaagd, vrij complex biertje, waarvan wij er ons dan ook onmiddellijk nog wat hebben aangeschaft. Nog maar eens het bewijs dat een ambachtelijk bier topkwaliteit kan zijn!

La Trappe Quadrupel

Deze maand een biertje van Nederlandse makelij, ééntje uit het gamma van de enige Nederlandse trappist La Trappe van de abdij in Koningshoeven. De paters aldaar hebben het beheer van de brouwerij weer in eigen handen sedert enige jaren en mogen dus terecht de naam trappist weer gebruiken.

Het bier is verpakt in typisch Nederlandse flesjes van 30cl met een korte hals met de eigen verzorgde “La Trappe-etiketten”. De Quadrupel is te herkennen aan de paarse Q op het etiket en is met zijn 10° alc de zwaarste uit het aanbod.

Bij het uitgieten zien we een bruin bier met een mooie rode schijn en een fijne pareling. Het schuim is mooi wandklevend, licht beige en vervalt snel tot een blijvend laagje. Wij zouden het biertje gesluierd noemen. Net zoals de verpakking presenteert dit bier mooi.

De geur is vrij complex, zoals dat van een bier van 10° mag verwacht worden. We ruiken een soort typische abdijgist die een vol en zoet aroma geeft. Hop is nauwelijks in de geur te onderscheiden. Wel alcohol en mout, maar de gist blijft de bovenhand houden.

Ook de smaak is vrij complex. Er is een zoete aanzet die een beetje mouterig is en die uitvloeit in een zeer zachte hopbitterheid. Door de verschillende leden van het proefteam werden toetsen genoteerd als anijs en rozijnen. Het bier doet ons nogal denken aan de Chimay rouge en drinkt lekker weg.

Enig minpuntje aan dit bier is dat het vrij veel alcohol bevat en toch een lichte smaak heeft. Het is dus een verraderlijk biertje waarvan je het gevoel hebt dat het lekker doordrinkt, maar waardoor je snel van slag bent. Van smaak en type is het bier zeer goed te vergelijken met Chimay rouge dat toch heel wat lichter is van alcohol en daarom licht onze voorkeur geniet.

Toch een zéér geslaagd bier. Heerlijk voor op een zomers terras!

Postel Blond

De maand april brengt ons een van de “erkende Belgische abdijbieren”, te herkennen aan het loge met een klein gothisch venstertje met een glas in. Dit is geen kwaliteitsgarantie, maar het betekent dat de brouwer royalty’s afstaat aan de abdij.

Het bier wordt gebrouwen door NV Affligem (onder de groep Heineken) en heeft een alc vol van 7°. Het bier dat wij drinken zit in 33cl flesjes met een goede afwerking met aluminium rond de kroonkurk.

Bij het uitgieten zien we een blond bier met een stevige witte schuimkraag. Het bier is heel helder tot op het einde van het flesje hetgeen ons doet vermoeden dat het niet hergist is. Na controle van het etiket zou dit toch het geval moeten zijn en met enige moeite wringen we een klein beetje gist uit de fles. Wellicht betreft het een gesatureerd bier waaraan slechts een klein beetje gist wordt toegevoegd voor de naam en het aroma.

In de geur komt ons vooral graan tegemoet en een vleugje gist. Toch ontdekken we ook een beetje citrus en een zweem hout. Een mooi en vrij complex aroma dus, dat zich toch niet teveel opdringt.

De smaak brengt ons wat de geur reeds deed vermoeden. Een aanzet van graan en een tikje citrus. Het bier is, in echte Affligem traditie, stevig hopbitter hetgeen het geheel zeer verfrissend maakt. De bitterheid zet zich vooral naar het einde van de dronk door en beheerst ook lang de nasmaak. De mond trekt een beetje droog en je wil een tweede slok van dit biertje. Een alcoholsmaak is in de Postel Blond achterwege gebleven.

Ons oordeel: Een kwaliteitsbier dat tevens een vlotte doordrinker is. Aan te raden voor de liefhebbers van frisse hoppige biertjes. Enig minpuntje: de hergisting in de fles is wellicht eerder een commerciële stunt dan behorend tot het echte brouwproces.