Koperkleurig, vrij helder bier met een schuimkraag die vrij snel vervalt tot een randdekkend laagje, dat toch enigszins wandklevend is.
We ruiken onmiddellijke de typerende geur van wilde gisting en lambiek. Verder worden houtsnippers genoemd, eiken vaten en de bijhorende vanilletoetsen en wat hars. Een mooi aroma dat meteen vrijkomt door de lage schuimkraag. We weten al bij het waarnemen van het aroma dat dit bier bij de Oude Geuze moet worden ingedeeld.
De smaak zet naar verwachting zuur aan. We stellen vast dat het melkzuur vrij prominent aanwezig is, voor sommigen in het panel zelfs iets té. De bitterheid is zeer goed in balans en wringt op geen enkel ogenblik. Naar mate het bier wat opwarmt komen bijkomende aroma’s en smaken vrij die het zure wat temperen. Het bier is verfrissend maar heeft toch voldoende body.
Wanneer we de fles bekijken leren we dat we een Oude Geuze van 8% alc drinken die nog eens extra gerijpt heeft op een whiskyvat. En jawel, nu we dit weten nemen we in het aroma de subtiele toetsen van whisky waar. Wanneer het bier koud staat zijn die aroma’s niet te onderscheiden.
Dit is kwalitatief zonder meer een topbier onder de toppers. Geen instapbiertje, eerder voor gevorderden. De autonome geuze brouwerij / stekerij Oud Beersel heeft al jaren onze sympathie. Bij ons krijgt het vier hopbellen. Waarom niet nog meer horen we u denken. Enkele panelleden worstelden van bij aanvang toch met het stevige zuurtje.
